We lezen
Exodus 13:17–17:16; Richteren 4:4–5:31, 2 Petrus 1
“Toen de farao het volk had laten gaan, gebeurde het dat God hen niet door het land van de Filistijnen leidde, hoewel dat dichtbij was. Want God had gezegd: ‘Opdat het volk niet van gedachten zou veranderen, wanneer zij oorlog zien, en naar Egypte zouden terugkeren.” Exodus 13:17)
Inleiding
In de voorgaande parasha, Parasha Bo, gaf de farao na de laatste en meest verwoestende van de tien plagen (de dood van de eerstgeborenen) eindelijk toe en liet hij de Israëlieten vrij.
Deze week, in Parasha Beshalach, verandert Farao echter van gedachten en achtervolgt hij het volk om hen weer tot slaaf te maken. Denkend dat ze verdwaald zijn in de woestijn, lijkt Farao hen tegen de Rode Zee te houden . Er is geen ontsnapping mogelijk. Maar God splijt op een wonderlijke manier het water, zodat Zijn volk er op droog land doorheen trekt, terwijl de Egyptenaren achter hen verdrinken.
Het lied van Mozes
In opluchting en dankbaarheid aan God voor deze geweldige overwinning op degenen die hen tot slaaf wilden maken, zingen Moshe (Mozes) en het volk een prachtig lied genaamd Shirat HaYam, het Lied van de Zee . Sommigen noemen het ook Az Yashir Moshe (toen zong Mozes) , wat de eerste woorden zijn van het Lied van de Zee (Exodus 15:1).
Dit lied wordt door de veel Joden vandaag de dag dagelijks gereciteerd als onderdeel van de Shacharit (ochtendgebed).
In ware nederigheid geeft dit lied geen eer aan het leiderschap van Mozes of lof aan het volk voor het geloof dat nodig was om tussen de muren van water te lopen, maar geeft alle eer en lof aan de Heere God.
De Hebreeuwse Bijbel zegt: “Ik zal zingen voor de HEERE, want Hij is zeer verheven. Zowel paard als menner heeft Hij in de zee geworpen.” (Exodus 15:1)
Dit lied van Mozes wordt ook genoemd in de Brit Chadashah (Nieuwe Testament) als een lied dat gezongen zal worden door degenen die het beest verslaan in de eindtijd. Echter, deze keer zullen ze zingen bij de zee van glas in plaats van de Rode Zee en harpen vasthouden in plaats van tamboerijnen:
“En ik zag iets als een glazen zee, met vuur gemengd. En de overwinnaars van het beest, van zijn beeld, van zijn merkteken en van het getal van zijn naam stonden bij de glazen zee, met de citers van God. En zij zongen het lied van Mozes, de dienstknecht van God, en het lied van het Lam, met de woorden: Groot en wonderbaarlijk zijn Uw werken, Heere, almachtige God; rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Koning van de heiligen!(Openbaring 15:2–3)
Ook Mirjam , de zuster van Mozes, gaat met de meisjes mee en ze dansen van vreugde met tamboerijnen.
Vanwege deze liederen wordt de Parasha van deze week ook wel Shabbat Shirah (Sabbat van het zingen) genoemd. Mooi is dat!
Haftarah-lezing: Het lied van Deborah
Zowel het Torah-gedeelte als de Haftarah (profetische gedeelte) van de overdenking van deze week bevatten overwinningsliederen van Gods volk.
In de Parasha zingen de Israëlieten het Lied van de Zee, waarin ze God prijzen en eren voor het bevrijden van hen uit Egypte. Maar in de Haftara wordt het Lied van Debora gezongen wanneer God hen de overwinning geeft op Generaal Sisera en de Kanaänieten.
“Toen zong Debora met Barak, de zoon van Abinoam, op die dag: Nu de leiders in Israël de leiding hebben genomen, nu het volk zich vrijwillig gegeven heeft, loof de HEERE! Luister, koningen, hoor mij aan, vorsten! Ik wil, ja, ik wil voor de HEERE zingen. Ik wil psalmen zingen voor de HEERE, de God van Israël. (Richteren 5:1-3)
In het Lied van de Zee ontvangt alleen de Heere God lof en eer, terwijl in het Lied van Debora ook de daden van dappere mannen en vrouwen worden geprezen.
Er zijn nog verschillende andere verbanden tussen het Thora-gedeelte en dit profetische gedeelte uit het boek Richteren.
In de beide overwinningen van Israël waren hun vijanden in strijdwagens tegen hen verzameld , maar God bracht hun vijanden in paniek.
En in beide situaties werden de vijanden van Israël door het water weggespoeld en vierden de vrouwen dit met zang en dans.
Muziek is een prachtig, door God gegeven geschenk. Iemand vertelde mij wel eens: Cees, muziek is door de Heere God uitgevonden. En ik geloof het. Maar helaas misbruikt de tegenstander dit van God gegeven instrument op een verschrikkelijke manier en heeft het zijn duizenden verslagen. De meest vulgaire en idiote zaken komen langs tijdens bijvoorbeeld een Europees zangfestival Oneindig veel beter is het om het geschenk van zang en muziek te gebruiken om Adonai te prijzen voor Zijn goedheid en genade.
De lange weg naar huis
De titel van deze Parasha luidt Besjalach en betekent ‘wanneer hij zond’. Want let er goed op dat Farao het volk niet zomaar liet gaan; hij stuurde de Israëlieten nota bene weg! In het Hebreeuws lezen we namelijk het woord ‘bə·šal·laḥ’’, wat de betekenis heeft van wegsturen.
Toen hij dat deed, leidde God hen niet langs de meest rechte, meest directe route naar hun Beloofde Land, die hen door Filistijns gebied en in een zekere strijd zou hebben geleid. In plaats daarvan leidde Hij hen rond en door de Rode Zee of Yam Suf (letterlijk, Zee van Riet of Rietzee).
Waarom heeft God hen niet via de snelste route naar de strijd geleid?
De rabbijnen beantwoorden deze vraag met een verhaal over een man die een koe koopt en haar mee naar huis neemt om melk te produceren voor zijn gezin, niet om haar te doden voor haar vlees. Omdat het slachthuis op de route naar zijn huis ligt, neemt hij haar mee op een langere, omslachtige route. Zo voorkomt hij dat ze de geur van bloed uit het slachthuis ruikt en aan zijn zorg probeert te ontsnappen.
God wilde ook niet dat de Israëlieten door Filistijns gebied zouden trekken en meteen in een oorlog terecht zouden komen. Ze zouden de moed verliezen in Gods beschermende zorg en terugvluchten naar Egypte.
Mag ik het een toepassen op jou en mijn leven? Op dezelfde manier zou God ons niet op de meest directe route naar het vervullen van je bestemming kunnen nemen . Hij wil Zijn geweldige liefde voor ons kunnen bewijzen door een zee te splijten en ons levenspad te verlichten in een tijd van duisternis.
Door deze persoonlijke ervaring van Gods aanwezigheid wordt ons geloof sterker, zodat we stand kunt houden in de beproevingen die we later zeker in ons leven zullen tegenkomen.
“Houd dan stand, uw middel omgord met de waarheid, en bekleed met het borstharnas van de gerechtigheid, en de voeten geschoeid met bereidheid van het Evangelie van de vrede. Neem bovenal het schild van het geloof op, waarmee u alle vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen. terwijl u bij elke gelegenheid met alle gebed en smeking bidt in de Geest en daarin waakzaam bent met alle volharding en smeking voor alle heiligen.” Efeze 6:14-18)
Toch, zoals bij elke relatie, is er meer dan één geweldige ervaring met God nodig om te weten wie Hij is en om Zijn karakter en liefde te begrijpen. Dus soms is de reis naar onze bestemming meer dan een omweg; het is de lange weg. Deze waarheid is duidelijk zichtbaar bij de Rode Zee. Ook al ervoeren de Israëlieten dat ze uit Egypte liepen met de buit van het land en hun eerstgeboren zonen nog in leven, was dat niet genoeg om hun angsten lang te kalmeren.
Op weg naar het Beloofde Land
“Toen de farao dichtbij gekomen was, sloegen de Israëlieten hun ogen op, en zie, de Egyptenaren trokken achter hen aan. Toen werden de Israëlieten zeer bevreesd en riepen tot de HEERE,...” (Exodus 14:10)
De reactie van de Israëlieten bevestigt dat ze nog niet klaar waren voor de strijd. De angstige Israëlieten deden het juiste met hun angst: ze riepen tot God!Maar bijna tegelijkertijd deden ze het verkeerde: ze gaven Mozes de schuld dat hij hen uit Egypte had gehaald, maar werden door de soldaten van de farao uitgeroeid. Ze vonden het beter om de Egyptenaren te dienen dan om in de woestijn te sterven. (Exodus 14:11).
Soms, op weg naar meer vrijheid, kunnen we angstige uitdagingen tegenkomen en wensen dat we gewoon waren gebleven waar we waren, hoe pijnlijk of ongemakkelijk die oude plek ook voelde. We kennen denk ik allemaal wel de gevelugelde uitspraak van Corrie ten Boom: De Heer belooft ons geen kalme reis, maar wel een behouden aankomst. En daar, naar dat moment mogen we uitzien! Als we de Heer Jezus zien, van aangezicht tot aangezicht.
Maar vooruitgaan betekent ook dat we nieuwe uitdagingen aangaan en Gods kracht zien als we die overwinnen.
Vandaag de dag, terwijl het volk van Israël omringd wordt door een zee van vijanden en gebombardeerd wordt door een golf van terrorisme , mogen alle gelovigen het Joodse volk bereiken met woorden van geloof en moed, namelijk dat God niet alleen onze fysieke redding is, maar ook onze geestelijke redding door Yeshua, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden lezen we in Mattheus 1 vers 21.
Hij zal onze gevechten voor ons vechten. En terwijl we vooruitgaan, kunnen we in vrede zijn als we op Hem vertrouwen.
“U zult ze binnenbrengen en planten op de berg die uw erfdeel is, de plaats die u, Heer, tot uw woning hebt gemaakt, het heiligdom dat uw handen, Heer, tot stand hebben gebracht.” (Exodus 15:17).
Wat we uit deze parasha mogen leren
Mozes wordt wel de middelaar van het oude verbond genoemd omdat hij bemiddelde tussen de Heere God en het volk. Het oude verbond is een voorafschaduwing van het nieuwe verbond dat later zou komen (Hebr.10:1). Mozes is dan ook een type van de Middelaar van het nieuwe verbond: Christus (Hebr.9:15, 12:24). Tot Mozes werd immers al gesproken over Hem, die komen zou en meer is dan Mozes. God voorzegde dat Hij een Profeet zou geven als Mozes (Deut.18:15 en 18).
Uit het water getrokken
Als Mozes uit het water wordt getrokken, is hij daarin ook een uitbeelding van Christus. De wateren zijn een uitbeelding van de dood, want alle jongetjes die geboren werden onder Israël zouden in de rivier worden geworpen en gedood (Ex.1:22). Hoewel op een andere manier, werd ook Mozes in de rivier gegooid. Maar hij overleeft de wateren die voor de andere kinderen doodswateren blijken te zijn. Hij wordt uit de wateren getrokken, een uitbeelding van de opstanding van Christus. Zoals het ondergaan en opstaan uit het water bij de waterdoop ook een beeld van dood en opstanding is.
De Eersteling Christus
Later leidde Mozes het volk Israël uit Egypte en liet God de wateren van de Rode Zee wijken, zodat Israël daar doorheen kon gaan. Ook dit waren doodswateren, want het leger van Farao kwam om in die wateren (Ex.14:27-28). Ook Israël ging de weg van dood en opstanding door de wateren in te gaan en eruit te komen. Mozes was eens als eerste de wateren in gegaan en eruit getrokken, later volgde het hele volk. Het is een uitbeelding van de Eersteling Christus, die als eerste werd opgewekt uit de dood. Deze Eersteling is de garantie dat de dood wordt teniet gedaan en allen onvergankelijk leven zullen ontvangen! (1 Kor.15:26; 2 Tim1:10)
Tenslotte
God kent het beste pad voor ons, zelfs als het langer of moeilijker lijkt. Vertrouw op Zijn wijsheid en timing.
God leidt ons soms weg van directe uitdagingen om ons voor te bereiden op toekomstige gevechten. Herken Zijn beschermende hand in je leven. Net als de Israëlieten begrijpen we misschien niet waarom God ons op een bepaalde manier leidt, maar geloof vereist dat we Zijn plan vertrouwen boven ons eigen begrip.
“Daarom verliezen wij de moed niet; integendeel, ook al vergaat onze uiterlijke mens, toch wordt de innerlijke mens van dag tot dag vernieuwd. Want onze lichte verdrukking, die van korte duur is, brengt in ons een allesovertreffend eeuwig gewicht van heerlijkheid teweeg.Wij houden onze ogen immers niet gericht op de dingen die men ziet, maar op de dingen die men niet ziet; want de dingen die men ziet, zijn tijdelijk, maar de dingen die men niet ziet, zijn eeuwig.” 2 Korinthe 4:16-18.